Gedrag Kat: Hoe communiceer Jij Met Jouw Kat ?

Kat-Gedrag

De kattentaal spreken

Om gedrag van je Kat te reguleren, is Communicatie de basis van elke goede relatie. Dus ook die tussen mens en kat. Om gedragsproblemen op te lossen en gezondheidsproblemen te herkennen, is het dus heel belangrijk dat jij weet wat jouw kat bezighoudt en waarom hij doet wat hij doet. En omgekeerd, dat jij je bedoelingen aan hem kunt overbrengen.

Na het lezen van dit artikel weet hij hoe jij met jouw kat kan communiceren.

Veel leesplezier toegwenst!

Een kat begrijpt ons niet zo goed als een hond, maar ze kunnen redelijk goed communiceren met katten en andere dieren. Wil jij je kat begrijpen, dan zijn er heel veel dingen waar je op kunt letten, zoals de ogen, de staart en de lichaamshouding.

Ogen

De ogen van je kat reageren automatisch op lichtomstandigheden: de pupillen versmallen tot verticale streepjes in helder zonlicht en groeien tot grote, zwarte poelen in het donker. Naast die reacties brengt je kat ook zijn emotionele toestand over met zijn ogen. Een relaxte kat heeft ogen die wijdopen zijn, maar niet zo wijd om er ‘verschrikt’ uit te zien. Wijde ogen en grote pupillen duiden op angst. Een jagende kat heeft ogen die open, ‘hard’ en zeer gefocust zijn. Een kat die op elk moment kan uithalen, versmalt zijn ogen en focust zijn pupillen; pas op!

Taal Kat

Oren

Een kat op jacht draait zijn oren recht naar voren, zodat hij ook het zachtste muizenpiepje nog kan horen. De oren van een ontspannen kat staan omhoog en meestal opzij; ze bewegen alle kanten op om zich beter te concentreren op geluiden. Als de kat bang is, staan zijn oren iets meer opzij. En een kat met de oren helemaal plat op de kop staat op het punt om uit te halen!

Staart

Staart omhoog en gekruld over de rug wijst op een relaxte en vriendelijke begroeting. Een onzekere kat zet zijn staart op en draagt hem laag (soms zelfs tussen zijn poten) en zwaait ermee. Als een kat op de loer ligt, draagt hij zijn staart laag en is de staart stijf; alleen het puntje beweegt.

De staart is een van de beste lichamelijke aanwijzingen van de op handen staande agressie van een kat. Een kat die geïrriteerd begint te raken, zwaait met zijn staart; de staart is vaak ook opgezet. Kwispelen met de staart is niet zo’n vriendelijk gebaar als bij honden, dat is wel zeker!

Spraak

Elke kat heeft, net als elk mens, een unieke stem, die lijkt op die van andere van haar eigen soort, maar nooit helemaal hetzelfde is. Katten hebben de beschikking over heel veel geluiden om hun emotionele toestand uit te drukken, van miauwen (meestal ongeduld), krollen (agressie), kwetteren (opwinding), grommen (agressie), spinnen (tevredenheid) en gillen (pijn).

Haar en snorharen

Bange of boze katten zetten hun haren rechtop in een poging om er groter uit te zien; in de beginfasen van angst of agressie zetten sommige katten alleen hun staart uit. Snorharen hebben een breder repertoire om emotie uit te drukken. Als een kat nieuwsgierig of boos is, houdt hij zijn snorharen naar voren, en hij trekt ze naar achteren als hij bang is.

Een kat ‘voelt’ ook de ruimte met zijn snorharen. Daarom mag je ze nooit afknippen!

TRAPPELEN UIT LIEFDE

Kattenliefhebbers kennen allemaal de speciale pootbewegingen van een kat die tevreden op schoot ligt te ‘trappelen’ of te ‘kneden’. Dit is een overblijfsel van de kittenperiode. Wanneer katten baby’s zijn, leggen ze hun pootjes tegen de buik van hun moeder tijdens het zogen. Als je kat dit bij jou doet, vertelt ze je dat ze jou als haar moeder ziet en ze spint en trappelt om haar liefde te uiten.

Houding

De manier waarop een kat haar lichaam houdt, moet in de context worden gezien om te kunnen worden begrepen, in samenhang met tekenen van de staart, oren, ogen, stem en vacht (inclusief snorharen) om de emotionele gesteldheid van je kat goed te kunnen interpreteren. Een kat die bijvoorbeeld graag wordt geaaid van kop tot teen, kromt vaak haar rug om zoveel mogelijk contact met de aaiende hand te maken. In een andere situatie geeft de rug juist aan dat je de kat onder geen beding moet aanraken. Het verschil is de context:

  • De vriendelijke, nieuwsgierige of onderzoekende kat is ontspannen en loopt rustig met de staart omhoog. De oren staan ook omhoog en wat opzij.
  • Een kat die defensief, boos of bang is, kromt haar rug en zet haar vacht op. Vanuit deze houding gaat een defensieve kat ervandoor zodra hij kan; een echt boze kat valt aan. Een kat die goed in de problemen zit, gaat op zijn rug liggen om zijn vervaarlijke klauwen en tanden in stelling te brengen.
  • Een kat die gaat aanvallen, gaat in elkaar gedoken zitten, zijn rug iets hoger dan zijn voorkant, klaar om zijn krachtige achterpoten te gebruiken om een sprong voorwaarts te maken. Zijn nekhaar staat omhoog, net als het haar op zijn staart. Deze kat maakt geen geintjes; loop weg en laat hem eerst rustig worden!
Gedrag Kat

Bovenstaande afbeelding: Let op de gehele lichaamstaal van een kat als je wilt weten hoe het met de emotionele gesteldheid zit.

INLEIDING TOT EEN AANVAL

Kattengedrag

Als je de lichaamstaal van je kat verkeerd leest, kan je dat nog wel eens op een krab of een beet komen te staan. Het klassieke voorbeeld is de kat die, terwijl hij wordt geaaid, ‘plotseling’ de hand die hem streelt, grijpt met poten en klauwen.

Deze ‘onverwachte’ aanvallen zijn zelden onverwacht. Voor dat een kat bijt of krabt, heeft hij vaak al subtiele (voor ons dan) tekenen gegeven van afnemende tolerantie. De voornaamste tekenen zijn een toename in de stijfheid en zwaaien met de staart.

Het probleem begint vaak met het aaien van de buik, een erg gevoelige plek voor alle dieren. Je kat kan zelf zijn buik hebben aangeboden uit liefde, maar als je eenmaal bent begonnen met aanhalen, kan hij zich steeds ongemakkelijker gaan voelen bij de aandacht. Let dus op zijn lichaamstaal: als hij gespannen raakt of als de staart begint te zwaaien, stop dan direct met aaien.

Gedragsproblemen oplossen

Katten zijn van nature rustig, schoon, liefdevol en kunnen heel goed voor zichzelf zorgen. Maar als het fout gaat, dan gaat het ook goed fout. Gedragsproblemen, zoals verkeerd kattenbakgebruik en agressie, kunnen bijzonder lastig zijn. Katten kunnen ook je meubels en kamerplanten ruïneren door ze te besproeien, aan flarden te scheuren of in stukjes te bijten.

‘Fout gedrag’ is vaak heel logisch voor een kat, omdat het veroorzaakt wordt door verveling, ziekte, stress of een verandering in zijn leefomgeving. Om probleemgedrag op te lossen, moet je het begrijpen. In de volgende paragrafen helpen we je om te begrijpen wat het ongewenste gedrag bij een kat veroorzaakt en leren we je hoe je de situatie kunt veranderen. Dit vergt geduld en aanpassing van jouw kant. Dus geef niet op!

De eerste stap bij het oplossen van een gedragsprobleem is vaststellen dat het geen medisch probleem is. De tekenen van ziekten bij katten zijn subtiel en worden vaak voor gedragsproblemen aangezien.

Een kat met bijvoorbeeld onbehandelde diabetes drinkt en urineert vaak, misschien vaker dan dat jij bereid bent de kattenbak schoon te maken, en gaat andere plekken uitkiezen om zijn plas kwijt te raken. Een kat die plots begint te bijten, heeft misschien pijn en haalt alleen maar uit om zichzelf te beschermen. Voor een kat met een urineweginfectie kan plassen pijnlijk zijn, waardoor hij de pijn gaat associëren met de kattenbak. Vind je het dan gek dat hij de bak niet meer gebruikt? Alle gedragstechnieken in de wereld kunnen nu eenmaal geen medisch probleem oplossen. Daarvoor moet je naar de dierenarts.

‘Fout’ gedrag is vaak territoriumgedrag

Veel ongewenst gedrag van katten komt voort uit het feit dat ze nu eenmaal territoriale dieren zijn, en net als bijvoorbeeld tijgers hun territorium markeren door aan voorwerpen te krabben en hun geur achterlaten. Wil je dat je kat dat niet meer doet? Dan hebben we slecht nieuws voor je: dat is niet mogelijk en het is ook niet eerlijk tegenover je kat. Je zou zijn diepste aard moeten veranderen, en áls dat al zou kunnen, zou hij dan geen echte kat meer zijn.

Bronnen van ongewenst gedrag

Je vraagt nogal wat van een kat als je haar in huis haalt. Jij vraagt van haar dat ze haar behoefte doet daar waar jij dat wilt in plaats van ergens in haar territorium. Jij vraagt haar te krabben op een vaste plek in plaats dat zij elke plek mag markeren. Jij vraagt haar om haar talent te negeren om gracieus op tafels en aanrechten te springen en ze heeft haar nachtschema maar aan te passen aan jouw dagschema.

De meeste katten passen zich inderdaad aan. In het geval van katten die dat niet doen, moet je eerst uitvinden waarom ze dat niet doen voordat je het probleem kunt oplossen. Zoals gezegd moet je eerst controleren of het geen medisch probleem is. Zo nee, dan is er misschien een van de volgende dingen aan de hand:

  • Katten houden niet van verandering en kunnen daarop reageren met ander gedrag. Misschien markeert een kat haar territorium in een huis dat net is ‘geschonden’ door een nieuw huisdier of persoon. In de ogen van een kat is dit gedrag logisch en rustgevend: de wereld naar hem laten ruiken is prettig voor hem, maar niet voor jou.
  • Onredelijke eisen van jou. Kijk ook naar je eigen rol bij een gedragsprobleem. Vraag je niet iets van je kat waaraan hij onmogelijk kan voldoen? Je kat wil misschien niet van de kattenbak gebruikmaken omdat die niet schoon genoeg is. En het is ook niet eerlijk dat je van hem vraagt de bank met rust te laten als er verder niks in het huis is om aan te krabben.
  • Je hebt je kat gevraagd zijn hele wereld op te geven voor een paar uurtjes gezelschap en een speelgoedmuisje? Saaaai! Binnenkatten hebben veel dingen nodig om zichzelf te vermaken: speelgoed, speelmomenten en veel aandacht van jou.
  • Incorrecte training vanaf het begin. Als je alleen maar scheldt of je kat slaat, is de kans groot dat je hem alleen leert dat jij iemand bent die hij maar beter kan vermijden. Fysieke correctie heeft geen effect op een kat; katten begrijpen het gewoon niet. En door hem een pak rammel te geven, maak je alleen maar een neurotisch wrak van je kat, wat tot nog meer problemen leidt.

Kijk naar wat er is gebeurd in je leven. Hoe reageerde je kat op bepaalde situaties. En jij? Houd een dagboek van problemen bij. Dit kan je helpen om er achter te komen wanneer problemen optreden en hoe je ze kunt voorkomen. Hierdoor ontstaat er minder spanning in jullie relatie.

Strategieën voor gedragsverandering

In tegenstelling tot honden hebben katten geen ingebouwd mechanisme om samen te werken binnen een groep. Met uitzondering van de leeuw, zijn katachtigen solitaire jagers en zorgen ze voor zichzelf. Je kunt je kat niet laten doen wat hij niet wil. Om het gedrag te veranderen, moet je dus een alternatief bieden dat voor jullie allebei acceptabel is.

Het goede nieuws is dat katten gewoontedieren zijn. Als hij eenmaal weet waar hij mag krabben, kauwen of zich ontlasten, zal dat waarschijnlijk zo blijven (totdat de volgende ingrijpende verandering zich aandient).

Goed zo, poes!

Beloon je kat voor goed gedrag met complimentjes, met lekkere dingetjes, met aanhalen en met spelletjes. Als je kat de krabpaal gebruikt in plaats van de bank, zorg er dan voor dat hij weet dat jij dit waardeert door met hem te spelen met een speeltje aan een touwtje of iets dergelijks. Zeg hem dat hij braaf is als hij de kattenbak gebruikt, als hij zijn planten opeet en niet die van jou en als hij zijn speeltjes aanvalt in plaats van jouw slippers. Je kat wordt niet geboren met een regelboekje in zijn hoofd van wat wel en niet mag, maar als je het volgen van de regels leuk maakt, wordt de kans wel groter dat hij deze volgt.

Nee, poes!

Sla je kat nooit en laat hem nooit denken dat de correctie van jou afkomstig is. Slaan is voor alle partijen vervelend en zegt een kat sowieso niets. Het kan het probleem zelfs verergeren doordat hij bang wordt.

Wat wel werkt is de kat te laten geloven dat wanneer ze iets fout doet, dit onmiddellijk wordt gevolgd door iets onaangenaams. En ze mag niet merken dat jij voor dat onaangename zorgt. Hier zijn een paar tips:

  • Gebruik water en harde geluiden. Probeer je kat nat te spuiten met een plantenspuit zonder dat de kat jou ziet, of rammel hard met een potje vol kleingeld of knijp hard in een piepspeeltje voor honden. Al deze technieken stoppen je kat midden in een ongewenste handeling en overtuigen haar ervan dat het misschien toch niet zo’n goed idee is om het nog een keer te doen.
  • Bedenk dingen met iets onaangenaams. Het is een goed idee om plekken waar je kat niet mag komen (zoals het aanrecht) te bedekken met dubbelzijdig tape, plasticfolie of een rubberen matje.
  • Bedek dingen met iets smerigs. Je kunt ook datgene waar je kat niet bij mag komen insmeren met een goedje dat verschrikkelijk vies smaakt, zoals tabascosaus. Je hebt er niet veel van nodig: het reukvermogen van een kat is goed ontwikkeld!

Rustig, poes

Soms moet je terug naar af en eerst de stress van je kat verminderen door haar tijdelijk een kleinere ruimte te geven. Deze techniek raden we sowieso aan als je kat of kitten voor de eerste keer bij jou in huis komt. Deze veilige kamer is geen straf; integendeel, het is meestal een opluchting. Je kat hoeft geen groot territorium te verdedigen kan zich concentreren op gedrag dat jij wilt (de krabpaal of kattenbak gebruiken bijvoorbeeld). Ga regelmatig naar de veilige kamer om te spelen en te knuffelen. Na een week, misschien twee volgt een geleidelijke terugkeer naar het hele huis voor korte periodes, kamer voor kamer.

Katten Verzorgen

Dierenartsen kunnen steeds beter medicatie bieden die helpt tijdens het hertrainen van je kat, medicijnen die ook worden voorgeschreven voor mensen om angstaanvallen te verminderen. Deze medicijnen kunnen echt helpen, maar zijn meestal een kortetermijnoplossing. Je moet nog wel de onderliggende problemen oplossen om op de lange termijn succes te bereiken.

Redelijkheid

Bij het veranderen van het gedrag van je kat moet je redelijk en consequent zijn. Redelijk zijn houdt in dat je je kat alternatieven aanbiedt, zoals een schone kattenbak, een plekje waar hij graag is, of een krabpaal op een goede plek. Consistent zijn gaat over altijd hetzelfde gedrag verwachten. Het is niet eerlijk als je kat op het aanrecht mag als alleen jij thuis bent, maar dat je verwacht dat hij ervan wegblijft als er bezoek is.

HULP ZOEKEN BIJ GEDRAGSPROBLEMEN

Met je dier naar de psycholoog? Ja, dat kan. Al noemt zo iemand zichzelf geen psycholoog, maar gedragsdeskundige. Bij zeer ernstige gedragsproblemen kan het zeker goed zijn om hulp in te roepen (informeer bij de dierenarts).

De gedragsdeskundige kijkt zonder emotionele bagage naar het probleem. En dankzij zijn kennis en ervaring weet hij dat hij geen menselijke eigenschappen (‘Dat beest doet het gewoon uit wraak!’) aan je kat moet toeschrijven, maar zal hij het probleem vanuit het dier benaderen en oplossen.

Reken er wel op dat je zelf ook flink aan de bak moet. De gedragsdeskundige kan wel een behandelingsplan opstellen, maar het komt nog steeds neer op veel geduld en moeite van jouw kant.

Specifieke gedragsproblemen

In de volgende stukken vertel ik wat je kunt doen bij gedrag als agressie en ongewenst krabben.

Agressie

Je moet een beetje speurwerk ondernemen om erachter te komen waarom je kat jou klauwt of bijt. Agressie kan vele vormen aannemen en de oplossing hangt af van de oorzaak, bijvoorbeeld:

  • Angst of pijn. Wanneer je kat uithaalt omdat hij bang is of pijn heeft, kun je hem het beste met rust laten en aan het onderliggende probleem werken. Een kat met pijn of angst heeft zijn oren plat naar achteren tegen zijn kop en zijn lichaam neemt een defensieve houding aan, laag tegen de grond. De klauwen staan op scherp. Laat je kat eerst tot rust komen (laat hem zich verstoppen als hij dat wil), voordat je hem door een dierenarts kunt laten onderzoeken. In deze omstandigheden is de reismand, die de kat normaal gesproken haat, een veilig plekje. Zet de reismand met het deurtje wagenwijd open in de kamer waarin je kat ook is. Je kat kiest er misschien wel voor om erin te gaan, wat je het ‘gevecht’ bespaart om hem erin te krijgen.
  • Je vertroetelt je kat en plotseling grijpt hij je met zijn klauwen en tanden. Wat nu? Kort gezegd: beweeg je niet en word niet boos, anders krijg je een echte beet. Als je stil blijft zitten, kalmeert hij echter meestal vanzelf en laat hij los. Eventueel kan een harde klap op bijvoorbeeld de tafel de kat zo aan het schrikken maken dat hij zijn aanval afbreekt.
    Om dit probleem in de toekomst te voorkomen, kun je het beste vertrouwd raken met je kat en zijn lichaamstaal, en stoppen met aanhalen voordat hij overgestimuleerd raakt. Zolang je op de lichaamstaal let, kun je langzaam de aaisessies opbouwen. Eerst drie keer aaien, dan vier keer, dan vijf keer. Bouw langzaam op tot de tolerantiegrens van de kat.
  • Tijdens het spelen wil een kat nog weleens vergeten waar hij zijn nagels laat. Begin een spelsessie met een speeltje waarbij de kat jou niet kan aanraken (zoals een kattenhengel), zodat je kat eerst zijn energie kwijt kan voordat je begint met een relaxende knuffelsessie. Laat hem weten dat aanvallen op jou niet mogen door hem de volle lading te geven van een luchthoorn of plantenspuit.
  • Geprojecteerde agressie. Door het raam ziet je kat een andere kat buiten lopen. Dit maakt hem razend. Jij loopt toevallig langs en hebt vervolgens zijn nagels in jouw benen staan. De reden? Je bent het slachtoffer van geprojecteerde agressie. Dit is moeilijk af te leren. Probeer zo veel mogelijk vreemde katten uit je tuin te weren: tik tegen het raam of steek de luchthoorn door het raam en geef hem van jetje.

Krabben

Begin met dit project door eerst een goede krabpaal of katten-boom aan te schaffen. De paal of boom moet stabiel genoeg zijn om in te klimmen en aan te trekken. Verder moet hij zijn bekleed met materiaal waar de kat zijn nagels goed in kan zetten en moet hij ergens staan waar je kat hem ook gebruikt.

Als de krabpaal op de plek staat, moedig je je kat aan om hem te gebruiken door hem een beetje uit te dagen met een speeltje en hem te belonen als hij zijn nagels in de paal zet. Als je kat van kattenkruid houdt, wrijf de paal of boom dan daarmee in. Beloon hem ook als hij zich op de paal of tak bevindt. Zorg ervoor dat hij zeker weet dat klimmen en klauwen op de krabpaal mag en juist wordt gestimuleerd. Forceer niet zijn pootjes op de paal; katten houden er niet van als ze worden ‘gedwongen’ iets te doen!

Maak de plekken waar je kat juist niet aan mag komen minder aantrekkelijk door ze te bedekken met folie, plastic of dubbelzijdig plakband.

Omdat krabben ook een manier is om territorium af te bakenen, kun je een krabpaal het beste een prominente plek geven, bijvoorbeeld vlak bij de bank. Beloon je kat als hij de krabpaal gebruikt in plaats van de bank. Verplaats daarna de paal een paar centimeter per dag naar een praktischere plek.

Als je je kat betrapt op krabben aan de meubels, gebruik dan een plantenspuit of een ander afleidend middel. Probeer daarbij zo veel mogelijk uit het zicht te blijven.

Ja, je huis wordt er niet mooier op met al die folie over de meubels en een krabpaal midden in de kamer. Je moet ermee leven totdat het krabpatroon een acceptabel niveau heeft bereikt. Met wat geduld wordt dit patroon uiteindelijk zijn vaste gewoonte.

Voor sommige katten kunnen nagelhoesjes helpen bij krabproblemen. De nagels van je kat zo kort mogelijk houden kan ook goed helpen. Ontklauwen, het chirurgisch verwijderen van de klauwen, is gelukkig verboden in Nederland en België.

Kauwen op planten

Gedrag Katten

Op de bladeren van een kamerplant kun je lekker kauwen. En als de pot groot genoeg is, is deze zelfs een heerlijk alternatief voor de kattenbak. Hier volgen enkele tips om je kat bij je planten uit de buurt te houden:

  • Maak de potten onaantrekkelijk. Leg aluminiumfolie of plastic onder de potten om je kat te ontmoedigen naar de potten toe te lopen en leg decoratieve stenen in de potgrond om graven te ontmoedigen.
  • Laat de planten vies smaken. Smeer de bladeren in met tabasco en je kat denkt wel twee keer na voordat hij zijn tanden erin zet.
  • Stap over op hangplanten. Als niets helpt, rest alleen nog deze strategie.

Vertrouw niet op wat voor afschrikmiddel dan ook om katten weg te houden bij giftige planten. Haal ze gewoon niet in huis, punt.

Kauwen op kleding

Gedrag Katten

Sommige katten kauwen of zuigen graag aan kleren, vooral wollen truien. Een probleem dat ook wel ‘sabbelen’ wordt genoemd. Deskundigen denken dat de neiging genetisch is bepaald en vaker voorkomt bij bepaalde rassen, zoals de siamees en andere oosterse rassen. Geef vezelrijk eten (bijvoorbeeld dagelijks een lepel pompoen uit blik bij het voer) en kauwspeeltjes voor honden. En laat de objecten waar je kat een obsessie voor heeft natuurlijk niet slingeren!

Herrie maken

Gedrag Katten

Sommige katten zijn grotere kwebbelkousen dan andere. Een beetje lawaaierigheid is aangeboren: kittens roepen hun moeder wanneer ze iets nodig hebben. Sommige lawaaimakerij is zelfs aangeleerd door mensen. Als je elke keer opspringt en doet waar hij om vraagt, bijvoorbeeld eten of naar binnen of buiten laten, leer je hem dat lawaai maken zinvol is.

Om je kat dit gedrag af te leren, moet je dus niet meer ingaan op zijn eisen. Als je eerst zijn gejammer negeert, maar hem vervolgens toch zijn zin geeft, leer je hem alleen maar om meer te miauwen in plaats van minder. Corrigeer hem voor het lawaai (met water uit de plantenspuit) en ga verder met waar je mee bezig was. Hij zal snel snappen dat zijn gejammer hem nergens brengt.

Goed kattenbakgedrag

Er zijn niet veel gedragsproblemen die de relatie tussen kat en mens meer onder druk zetten dan een kat die weigert de kattenbak te gebruiken en zijn urine deponeert op het bed, in de badkuip of op de schone was. Het goede nieuws is dat door het probleem systematisch en niet emotioneel te benaderen, het meestal wel weer lukt om je kat op het goede spoor te krijgen.

Wat gebeurt er en waar?

Verkeerd kattenbakgebruik kan voor jou één probleem lijken, maar het kan in werkelijkheid om meerdere problemen gaan. Observeer eerst wat je kat nu precies doet (territorium markeren, de kattenbak vermijden), voordat je kunt uitzoeken wat je eraan kunt doen.

Houd in een dagboekje bij wat, wanneer en waar je kat iets doet. Noteer op welke datum en op welk tijdstip je iets hebt gevonden (urine of uitwerpselen), op welke plek (op een horizontaal oppervlak of, in het geval van urine, op een verticaal oppervlak, zoals de zijkant van een bank) en de locatie (badkuip, tapijt, naast de kattenbak…). Dit helpt je niet alleen om erachter te komen welk gedrag het probleem veroorzaakt, maar ook om vooruitgang sneller op te merken. En misschien wel het belangrijkste: een geschreven verslag biedt de dierenarts de informatie die hij nodig heeft om een goede diagnose te stellen.

Een kat die gehurkt en op een plat oppervlak urineert, is gewoon aan het plassen. Het territorium markeren ziet er héél anders uit: de kat besnuffelt eerst het object dat hem interesseert en keert dan zijn kont ernaartoe. Trillend en met zijn staart omhoog sproeit hij een klein straaltje urine recht tegen het oppervlak. Zowel katers als poezen kunnen sproeiers zijn, maar niet- gecastreerde katers zijn duidelijk de ergste overtreders.

En als de kat uitwerpselen achterlaat op een plaats waar ze niet horen? Dat is waarschijnlijk een teken dat ze de kattenbak vermijdt, en dan moet je uitzoeken waarom.

Medische problemen uitsluiten

Als je weet waar en wanneer de kat ongelukjes heeft, kun je beginnen aan de oplossing van het probleem. De eerste stap is altijd een afspraak met de dierenarts. Je kat kan namelijk last hebben van een urineweginfectie, blaasproblemen, een ziekte als FeLV, FIV of FIP, constipatie, obstipatie of parasieten, of medicijnen gebruiken waarvan hij vaker moet plassen.

De dierenarts kan urine- en bloedtests doen of een echo of röntgenfoto van de buik laten maken om mogelijke medische oorzaken uit te sluiten.

Op de bak, poes!

We hebben je al gewaarschuwd dat je geduld en doorzettingsvermogen moet hebben om je kat weer op de kattenbak te krijgen. Pak het als volgt aan.

Schoon beginnen

Katten zijn kieskeurige dieren en als de kattenbak vies is, gaan ze ergens anders heen om hun behoefte te doen. Dus kijk eens hoe schoon de kattenbak eigenlijk is. Is het iets waar je om de paar dagen ‘aan toekomt’, of misschien alleen in het weekend? Begin je er pas aan als de stank echt niet meer te harden is? En maak je hem dan echt schoon of vis je er alleen de keutels en klonten uit en begraaf je de rest met nog wat meer grit?

Als je de kattenbak niet schoon houdt, kun je van je kat niet verwachten dat hij hem gebruikt. Je moet beginnen met een schone bak en hem ook schoon houden.

Geef de bak een goede schrobbeurt met heet water en zeep. Maak hem goed schoon en laat hem aan de lucht drogen. Dit geldt trouwens ook voor een nieuw gekochte kattenbak, want katten houden niet van de geur van nieuwigheid.

Verdund bleekwater is een veilig ontsmettingsmiddel, maar gebruik geen andere desinfecterende middelen: de geur die ze achterlaten, kan meer kwaad dan goed doen. Ammoniak heeft bijvoorbeeld enkele chemische eigenschappen gemeen met urine en dat kan de bak voor een kat behoorlijk laten stinken.

Schoon houden

Al het schrobben in de wereld helpt je niets als je de schone bak aan je kat aanbiedt en er vervolgens niets meer aan doet. Sommige katten zijn zo kieskeurig dat ze de kattenbak al vies vinden als hij maar één keer is gebruikt. Je kunt misschien niet direct de ontlasting eruit scheppen, maar probeer het minimaal een of twee keer per dag te doen.

Vergeet niet dat, ook al schep je vaak de bak leeg, je nog steeds de bak regelmatig grondig moet schoonmaken en desinfecteren. Maak hem schoon als je twijfelt!

Je kunt je kat bijna altijd een schoon toilet bieden als je twee kattenbakken gebruikt, die naast elkaar staan. Sommige katten vinden dit zelfs fijner: ze urineren in de ene bak en deponeren hun uitwerpselen in de andere.

Sommige mensen gebruiken plastic kattenbakzakken om het schoonmaken te vergemakkelijken. Probleem is echter dat veel katten dit plastic niet lekker vinden ruiken of niet houden van het gevoel van plastic onder hun poten als hun nagels erin blijven haken.

Alternatieven aanbieden

Als al dat schoonmaken niet helpt, ligt het misschien aan de bak zelf of aan het grit dat je gebruikt. Dan moet je dat veranderen.

Probeer diverse kattenbakken uit. Ja, dat kost geld, maar dat moet dan maar. Sommige katten houden bijvoorbeeld van de privacy van een overdekte bak, andere juist niet. Een ander probleem met overdekte kattenbakken is dat ze niet zo regelmatig worden schoongemaakt, omdat mensen het toch niet ruiken.

Als je kat astmatisch is, neem dan geen overdekte kattenbak. Het stof dat uit het grit komt, blijft in de bak hangen en kan een aanval veroorzaken.

Andere gezondheidsproblemen kunnen ook de keuze bepalen van de kattenbak die het beste bij je kat past. Een kat met artritis kan bijvoorbeeld soms moeilijk in en uit een kattenbak klimmen. Een bak met lage randen, of een bak waarin je zelf een uitsparing hebt gemaakt, kan helpen.

Een bak met hoge randen kan juist een uitkomst zijn als je kat niet volledig hurkend urineert. Sommige katten urineren bijna staand als ze de kattenbak gebruiken en sproeien daardoor over de rand. (Snijd een kant open, zodat een oudere kat gemakkelijker in de bak kan komen.) Experimenteer ook met grit. Probeer klonterend en niet-klonterend, geparfumeerd en niet-geparfumeerd enzovoort. Onderzoek wijst uit dat niet-geparfumeerd, klonterend grit favoriet is bij de meeste katten, dus begin daarmee.

Een andere locatie

Is de locatie van de kattenbak wel handig voor je kat? Voelt hij zich veilig in de bak of heeft hij het gevoel dat hij elk moment kan worden overvallen? Zoek een rustig plekje, waar geen verkeer langskomt en waar je kat niet verrast wordt.

De kattenbak moet niet in de buurt staan van de bakken met eten en water. Jij eet toch ook niet naast het toilet?

Kijk ook hoe gemakkelijk je kat bij de kattenbak kan komen. Jij vindt misschien de verste uithoek in de garage of kelder de beste plek, maar vindt je kat dat ook? En ten slotte, is de locatie altijd toegankelijk? De badkamer kan een goede plaats zijn voor de kattenbak, maar dan moeten alle gezinsleden wel de deur open laten staan.

Meerdere kattenbakken gebruiken

Heb je een kat die om wat voor reden dan ook niet zo geïnteresseerd is in het gebruiken van de kattenbak, maak het hem dan zo gemakkelijk mogelijk! Twee kattenbakken naast elkaar kan een uitkomst zijn voor een kat die simpelweg de schoonste bak wil hebben of die de ene gebruikt voor het urineren en de andere voor de ontlasting.

Verder moet je ook proberen om het aantal kattenbakken, en de locaties waar je kat een bak kan vinden, te vermeerderen. In een huis met meerdere verdiepingen helpt het vaak als er een kattenbak op elke verdieping staat.

In een huishouden met meerdere katten is één kattenbak per kat een goede richtlijn. Sommige katten delen met plezier, maar veel andere niet. Extra bakken zijn dan de enige manier om elke kat te geven wat hij wil.

Ongewenst gedrag ontmoedigen

Op hetzelfde moment dat je de kattenbak van je kat uitnodigender hebt gemaakt, moet je je kat duidelijk maken dat hij de oude plekken juist niet meer mag gebruiken. De truc is om deze plekken zo onaantrekkelijk mogelijk te maken, door het gebruik van stank, aanraking en elementaire kattenkennis.

De eerste stap is het grondig reinigen van de plek waar de kat zijn behoefte heeft gedaan met behulp van een middel dat speciaal is ontwikkeld is om ontlasting en geuren van katten te verwijderen. Elk achterblijvend geurtje nodigt namelijk uit tot herhaling. Nadat de plek is schoongemaakt, kun je de volgende methoden toepassen om recidive te ontmoedigen of om de manier waarop de kat de plek gebruikt, te veranderen:

  • Zet etensbakjes op de plek. Katten houden er niet van om op dezelfde plaats te eten en hun behoefte te doen. Je kunt de bakjes geleidelijk weer naar de normale plek verhuizen als de kat weer betrouwbaar de kattenbak gebruikt.
  • Plaats een afschrikmiddel in de ruimte. Je kunt de plek bedekken met materiaal waar een kat niet graag zijn poten inzet, zoals dubbelzijdig tape, plastic of aluminiumfolie. Je kunt de plek ook besproeien met een geur waar katten niet van houden, zoals citroen. Als je kat de kamerplanten als kattenbak gebruikt, bedek dan de toplaag met scherpe stenen of kleine dennenappeltjes.
  • Zet een kattenbak op die plek. Als de kat toch de verkeerde plek gebruikt om zich te ontlasten, kun je er net zo goed een kattenbak neerzetten. Zodra je merkt dat de kat de bak gebruikt, kun je de bak stapje voor stapje verplaatsen.

Sla je kat niet, al ben je nog zo boos! Hij leert er niets van en wordt zeker niet rustiger. Geef liever een lekker hapje als je ziet dat hij zijn kattenbak gebruikt.

Sproeiers stoppen

Hoewel zowel katers als poezen sproeien, zijn niet-gecastreerde katers de grootste overtreders, gevolgd door niet-gesteriliseerde krolse poezen. Het eerste wat je moet doen om dit stinkende probleem op te lossen, is je kat laten castreren of steriliseren. Deze procedure lost zo’n 90 procent van alle problemen op indien deze wordt uitgevoerd voordat de seksuele leeftijd (ongeveer zes maanden) is bereikt.

Voor katten die niet op castratie reageren, kan stress als gevolg van de omgeving het sproeien veroorzaken. Een nieuwe persoon in het gezin, een verhuizing of een grote verandering in de routine kunnen mogelijke oorzaken zijn. Een kalmeringsmiddel kan dan tijdelijk helpen (vraag advies aan de dierenarts). Ook het grondig reinigen van een besproeide plek en deze vervolgens bedekken met folie en citroengeur kan hem ontmoedigen het sproeien te herhalen. (Katten houden niet van folie en het geluid dat urine maakt als het op folie terechtkomt, vinden ze vreselijk irritant.) Een product als Feliway helpt de geur te verwijderen die oproept tot herhaling van het sproeigedrag.

Een veelvoorkomende oorzaak voor sproeien is het zien van buitenkatten. Omdat katten zo territoriaal van aard zijn, kan het zien van soortgenoten aan de andere kant van het raam de binnenkat zo irriteren dat hij gaat sproeien. Als je niet kunt voorkomen dat andere katten in je tuin rondhangen, beperk dan je eigen kat de toegang tot plekken waar hij deze indringers kan zien.

Hertrainen door afzondering

Als je kat ondanks alles nog steeds sproeit of de kattenbak vermijdt, is het tijd om hem een paar dagen af te zonderen in een kleine kamer. Doordat hij geen andere opties heeft om zijn behoefte te doen, helpt deze techniek om een angstige kat te kalmeren of kan een kat die geleerd heeft de kattenbak te vermijden, opnieuw worden getraind.

De badkamer is een ideale ruimte, maar elke andere rustige plek met een deur is ook goed. Er moet voldoende voedsel en water in de kamer staan en verder een kattenbak, krabpaal en een paar speeltjes. Zorg dat er in de kamer voor de kat op de kattenbak na geen andere mogelijkheden zijn om zijn behoefte te doen; dus geen tapijt of een stapel wasgoed. Laat ook een paar centimeter water in de badkuip staan, want je behoefte doen met natte pootjes is niet prettig.

Bezoek je kat regelmatig in zijn veilige ruimte en verwen hem door samen met je kat te zijn en intensief met hem te spelen. De aandacht helpt hem om zijn nieuwe routine op te pakken.

Als je kat betrouwbaar de kattenbak gebruikt in de veilige kamer, kun je zijn territorium langzaam weer uitbreiden. Zolang jij je aan jouw afspraak houdt en de kattenbak aantrekkelijk voor hem houdt, houdt hij zich aan zijn afspraak en gebruikt hij de kattenbak.

Einde

Nu zijn we aan het einde gekomen van dit artikel. Ik hoop dat ik je heb kunnen helpen met het maken van de juiste keuze. Zo niet, dan hoor ik dat graag in de comments hieronder. Ook als je iets aan dit artikel hebt gehad, hoor ik dat graag.

Leave a Reply